Compare products (0)
| Afbeelding |
|---|
| Prijs |
| Verkoper |
| Producttype |
| Tags |
| Omschrijving |
Een strijkmal, ook wel spatelmal of kwastmal genoemd, is de techniek waarmee je een siliconenmal opbouwt door laag voor laag siliconen op het origineel aan te brengen in plaats van het origineel vol te gieten. Je gebruikt tot tachtig procent minder materiaal, je kunt objecten afvormen die je nooit in een bekisting krijgt, en je kunt afvormen op locatie, bijvoorbeeld van een muur, een vloer, een monument of een groot beeld.
Deze handleiding behandelt de complete techniek: materiaalkeuze, voorbereiding van het origineel, de laagopbouw, het werken op verticale wanden en in binnenhoeken, het indikken van siliconen, de steunmal en het voorkomen van luchtbellen. Onderaan vind je een probleemoplosser en veelgestelde vragen.
Bij een gietmal plaats je het origineel in een bekisting en giet je die vol met vloeibare siliconen. Bij een strijkmal breng je verdikte siliconen met een kwast of spatel rechtstreeks op het origineel aan, in meerdere dunne lagen, tot je een wanddikte van ongeveer vijf tot tien millimeter hebt bereikt. De mal volgt daarmee de contour van het object.
Omdat een strijkmal slechts een dunne huid is, heeft hij vrijwel altijd een steunmal nodig om zijn vorm te houden. Die steunmal, ook wel moedermal genoemd, maak je van gips, polyurethaan, epoxy met glasvezel of hard PU schuim.
| Situatie | Gietmal | Strijkmal |
|---|---|---|
| Klein object, vlak, weinig volume | Beste keuze | Onnodig bewerkelijk |
| Groot of volumineus object | Zeer duur, veel siliconen | Beste keuze |
| Object dat niet verplaatst kan worden | Niet mogelijk | Beste keuze |
| Verticale wand, muur, gevel, vloer | Niet mogelijk | Beste keuze |
| Zeer fijn oppervlaktedetail | Beste keuze | Goed mogelijk met dunne contactlaag |
| Diepe holtes en ondersnijdingen | Risico op luchtinsluiting | Beter beheersbaar |
| Kuip of bakvorm met hoge zijwanden | Veel materiaal nodig | Beste keuze, mits met steunmal |
Voor een strijkmal gebruik je een RTV 2 siliconenrubber die je zelf indikt met een thixotropeermiddel, of een siliconen die af fabriek al spatelbaar is. Beide werken, maar de keuze tussen condensatie en additie bepaalt of je project slaagt.
⚠️ Belangrijk bij polyester, gips, klei en hout
Polyester geeft nog lang na productie styreendamp af. Die damp blokkeert de uitharding van platina siliconen op het contactvlak, ook door een laagje lossingswas heen. Kies in dat geval condensatiesiliconen, of sluit het origineel eerst volledig af met een acryl of polyurethaan lak. Doe daarna altijd een druppeltest voordat je de hele mal maakt.
Zelf indikken geeft je volledige controle over de viscositeit per laag en is voordeliger. Een kant en klaar spatelbare siliconen bespaart tijd en geeft een constant resultaat, wat prettig is bij grote oppervlakken en bij werk op locatie waar je weinig tijd hebt.
Zet alles klaar voordat je begint. De verwerkingstijd van een aangemaakte portie is beperkt, vaak niet meer dan twintig tot zestig minuten, en tijdens die tijd kun je niet meer weglopen om iets te zoeken.
Negentig procent van alle mislukte mallen is terug te voeren op de voorbereiding. De siliconen neemt elk detail over, dus ook stof, vingerafdrukken, krassen en achtergebleven lossingsmiddel.
| Ondergrond | Risico | Aanpak |
|---|---|---|
| Polyester en gelcoat | Styreendamp remt platina siliconen | Condensatiesiliconen gebruiken, of afsluiten met acryl of PU lak en testen |
| Gips, beton, natuursteen | Poreus, hecht aan siliconen, ontrekt vocht | Sealer of schellak aanbrengen, daarna lossingsmiddel |
| Hout, MDF | Poreus, hars en vocht | Grondlak of sealer, daarna lossingsmiddel |
| Plasticine en klei op zwavelbasis | Zwavel remt platina siliconen | Zwavelvrije klei gebruiken, of condensatiesiliconen |
| Latex en rubber | Zwavel en weekmakers | Afsluiten en testen, bij twijfel condensatiesiliconen |
| PVC en zachte kunststof | Weekmakers migreren | Afsluiten met lak, altijd testen |
| 3D print in PLA of resin | Restmonomeer en laagribbels | Print volledig naharden, schuren, primeren |
| Metaal, glas, geglazuurd keramiek | Vrijwel geen, wel hechting | Ontvetten en lossingsmiddel |
Een goede strijkmal bestaat uit minimaal twee en vaak drie functionele lagen. Elke laag heeft een eigen taak en een eigen viscositeit. Maak nooit in één keer alle siliconen aan die je voor de hele mal nodig hebt, want de eerste portie is uitgehard voordat je aan de laatste laag toekomt.
De contactlaag bepaalt de kwaliteit van de mal. Deze laag is vrijwel niet ingedikt, ongeveer nul tot een druppel thixotropeermiddel per honderd gram, zodat hij dun uitvloeit en elk detail overneemt. Streef naar een vlies van ongeveer een halve millimeter.
De opbouwlaag is duidelijk ingedikt zodat hij blijft staan en de mal dikte geeft. Breng deze laag aan zodra de contactlaag tacky is, dus plakkerig maar niet meer vloeibaar. In dat venster verbinden de lagen zich chemisch tot één geheel.
De eindlaag brengt de mal op eindwanddikte en geeft een gelijkmatig oppervlak waar de steunmal straks op aansluit. Bij grote of zwaar belaste mallen leg je in deze fase een verstevigingsgaas of vezelmat in de nog natte siliconen en spatel je daar een laatste laag overheen.
| Maltype | Aanbevolen totale wanddikte |
|---|---|
| Klein object tot vijftien centimeter | 4 tot 6 millimeter |
| Middelgroot object, kuip of bakvorm | 6 tot 10 millimeter |
| Groot object of verticale wand op locatie | 8 tot 15 millimeter, met versteviging |
| Mal voor beton of steenachtige afgietsels | 10 tot 15 millimeter |
⚠️ Het tacky venster is het belangrijkste moment van het hele proces
Breng je de volgende laag te vroeg aan, dan meng je de lagen door elkaar en zakt je opbouw. Breng je hem te laat aan, dus wanneer de vorige laag al volledig uitgehard en droog aanvoelt, dan krijg je een zwakke hechting waar de lagen later kunnen delamineren. Test met een schone vinger op een onbelangrijke plek: de laag mag plakken, maar er mag niets aan je vinger blijven hangen.
Dit is het punt waarop de meeste strijkmallen mislukken. Op een vlak liggend object werkt vrijwel elke techniek. Op een verticale wand, in een kuipvorm of in een diepe binnenhoek werken alleen de juiste handelingen.
Op een verticale wand zakt de dunne contactlaag door zijn eigen gewicht naar beneden. Er ontstaan dunne of open plekken bovenin en een ophoping onderin. Leg je daar vervolgens de ingedikte opbouwlaag overheen, dan sluit je lucht in tussen beide lagen. Precies op de plek waar de mal het meest zichtbaar is.
In binnenhoeken, dus waar bodem en zijwand samenkomen, blijft lucht het hardnekkigst hangen. De kwast raakt de hoek niet echt, de siliconen overbrugt de hoek en er blijft een luchtkanaal achter.
Een strijkmal kan meer ondersnijding aan dan een gietmal, omdat de dunne siliconenhuid flexibel is. Toch geldt een grens. Bij diepe ondersnijdingen plan je een snijlijn in de mal en een gedeelde steunmal, zodat je de mal open kunt vouwen bij het ontvormen. Markeer de snijlijn met een zigzagsnede in plaats van een rechte snede, dan sluit de mal daarna weer exact.
⚠️ Niet elke luchtbel is een probleem
Zitten de bellen in de dikte van de wand en niet in het maloppervlak, dan zijn ze puur cosmetisch en hebben ze geen enkele invloed op je afgietsels. Alleen bellen in het contactvlak, dus de zijde die tegen het origineel aan zat, komen terug in elk product. Beoordeel dus eerst waar de bel precies zit voordat je een mal afkeurt.
Een thixotropeermiddel maakt de siliconen standvast zonder dat de eigenschappen van het uitgeharde rubber wezenlijk veranderen. De siliconen wordt dun zodra je hem beweegt en dik zodra hij stil ligt. Daardoor kun je hem op een verticale wand aanbrengen zonder dat het wegloopt.
| Laag | Dosering thixotropeermiddel | Gedrag |
|---|---|---|
| Contactlaag | 0 tot ongeveer 0,05 procent, dus nul tot één druppel per honderd gram | Vloeit nog uit, neemt detail perfect over |
| Opbouwlaag | 0,5 tot 1 procent | Blijft staan op verticale wand, goed te spatelen |
| Eindlaag en zware overhead toepassing | 1 tot 2 procent | Zeer stroperig, blijft ook aan een plafond hangen |
De praktische test: de siliconen is voldoende ingedikt wanneer je er met een spatel ongeveer een centimeter dik op een verticale wand kunt aanbrengen zonder dat het binnen een minuut gaat zakken.
⚠️ Meer is niet beter
Een overdosis thixotropeermiddel maakt de siliconen kort en brokkelig, verhoogt de hardheid, vermindert de scheurweerstand en zorgt ervoor dat er lucht in het mengsel vast blijft zitten. Blijf binnen de opgegeven marge en dik liever in meerdere kleine stappen in.
Een strijkmal van vijf tot tien millimeter dik heeft geen eigen vormvastheid. Zonder steunmal zakt hij door, vervormt hij bij het vullen en worden je afgietsels niet maatvast. Alleen bij hele kleine en ondiepe mallen kun je de steunmal achterwege laten.
| Materiaal | Voordeel | Nadeel |
|---|---|---|
| Gips met jute | Goedkoop, snel, vergevingsgezind | Zwaar en breekbaar |
| Acrylhars met vezel | Sterker en lichter dan gips, weinig geur | Iets duurder |
| Epoxy met glasvezel | Zeer stijf en licht, lange levensduur | Bewerkelijk, vraagt goede ventilatie |
| Polyurethaan of PU schuim | Zeer snel en licht | Minder stijf, gevoelig voor vocht |
Werk bij achttien tot vijfentwintig graden en bij een relatieve luchtvochtigheid van veertig tot zeventig procent. Condensatiesiliconen hebben luchtvochtigheid nodig om uit te harden. In een droge en koude ruimte duurt de uitharding aanzienlijk langer dan de opgegeven richttijd, zeker in de kern van een dikkere laag.
Richttijden in productdocumentatie gelden voor ideale omstandigheden en voor een enkele gietlaag. Bij een strijkmal bouw je meerdere lagen op, waarvan de onderste laag als eerste is aangebracht maar het laatst volledig doorhardt. Neem daarom bewust extra tijd.
| Probleem | Waarschijnlijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Luchtbellen in het maloppervlak | Contactlaag te dik, heen en weer gestreken of hoeken overbrugd | Contactlaag dunner en stippelend aanbrengen, hoeken eerst afdeppen |
| Luchtbellen alleen in de wanddikte | Lucht ingesloten tussen opbouwlagen | Cosmetisch, geen actie nodig, volgende keer in dunnere banen opbouwen |
| Siliconen loopt weg op de zijwand | Te weinig ingedikt of te dikke laag in één keer | Dosering thixotropeermiddel verhogen en in dunnere banen werken |
| Lagen laten van elkaar los | Volgende laag buiten het tacky venster aangebracht | Volgende laag aanbrengen zodra de vorige plakkerig is maar niets afgeeft |
| Laag tegen het origineel blijft plakkerig | Inhibitie door de ondergrond of onvolledige menging | Ondergrond afsluiten en testen, of overstappen op condensatiesiliconen |
| Details zijn vervaagd of uitgevloeid | Te vroeg ontvormd terwijl de onderlaag nog niet doorgehard was | Minimaal vierentwintig uur wachten, bij twijfel achtenveertig uur |
| Mal is plaatselijk niet uitgehard | Slecht gemengd langs bodem en wand van de beker | Kleurstof in component B gebruiken zodat je de menging kunt zien |
| Mal scheurt bij het ontvormen | Te dunne wand, te veel thixotropeermiddel of puntbelasting | Dikker opbouwen, dosering verlagen, gelijkmatig rondom losmaken |
| Mal vervormt tijdens het gieten | Geen of te slappe steunmal | Stevige steunmal maken en de mal daarin ondersteunen |
| Mal hecht aan het origineel | Poreuze ondergrond zonder sealer of lossingsmiddel | Sealer aanbrengen, laten uitharden en daarna pas lossingsmiddel |
Vrijwel elke RTV 2 siliconen kun je indikken, mits je het juiste middel gebruikt voor het juiste type. Gebruik een thixotropeermiddel dat geschikt is voor condensatiesiliconen bij condensatie, en een geschikt middel of gefumeerd silica bij additiesiliconen. Vraag het ons als je twijfelt over een specifiek product.
Reken het oppervlak van het origineel uit in vierkante centimeter en vermenigvuldig dat met de gewenste wanddikte in centimeter. Dat geeft het volume in kubieke centimeter. Vermenigvuldig dat met ongeveer 1,1 tot 1,2 voor het soortelijk gewicht en tel er twintig procent verlies bij op. Voor een kuipje van dertig bij twintig bij tien centimeter met een wanddikte van acht millimeter kom je zo op ongeveer anderhalve kilo.
Dat kan technisch, maar het resultaat is vrijwel altijd slechter. Een dikke ingedikte laag rechtstreeks op het origineel sluit lucht in en geeft een dof en onnauwkeurig maloppervlak. De gescheiden contactlaag en opbouwlaag zijn geen luxe maar de kern van de techniek.
Bij additiesiliconen is dit vrijwel altijd inhibitie, veroorzaakt door zwavel, tin, latex, styreen of restanten van bepaalde lijmen en kneedmassa's. Bij condensatiesiliconen ligt de oorzaak meestal in een onnauwkeurige mengverhouding, onvolledig mengen of een zeer droge omgeving.
Dat hangt af van het gietmateriaal en van het gebruik van lossingsmiddel. Bij gips of acrylhars haal je met een condensatiemal doorgaans enkele tientallen tot ruim honderd afgietsels. Bij polyester of polyurethaan slijt de mal sneller door de chemische belasting. Een platina mal gaat aanzienlijk langer mee.
Ja. Reinig het beschadigde deel, maak het licht ruw, en breng verse siliconen van hetzelfde type aan. Voor een betrouwbare hechting op volledig uitgeharde siliconen gebruik je een siliconenlijm of een primer. Een scheur die door de hele wanddikte loopt, kun je repareren maar blijft een zwakke plek.
Alleen wanneer je een siliconen gebruikt die daarvoor gecertificeerd is, en dat zijn in de praktijk additiesiliconen. Condensatiesiliconen zijn niet geschikt voor voedselcontact. Neem contact op wanneer je een mal voor levensmiddelen wilt maken, dan adviseren we je over het juiste product en de bijbehorende documentatie.
Onze specialisten werken zelf dagelijks met deze materialen. Vertel ons wat je wilt afvormen en waarvan het origineel gemaakt is, dan adviseren we je over het juiste product, de juiste hardheid en de juiste voorbereiding.
Stel je vraag aan een specialist Bekijk de siliconenAan deze beschrijving kunnen geen rechten worden ontleend. Lees voor gebruik altijd het veiligheidsinformatieblad en het technisch datablad van het betreffende product en werk in een goed geventileerde ruimte met de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen.
| Afbeelding |
|---|
| Prijs |
| Verkoper |
| Producttype |
| Tags |
| Omschrijving |